Zwangeren in Nederland krijgen vanaf 1 januari 2028 geen 13-wekenecho meer aangeboden binnen het landelijke onderzoek. Minister Sophie Hermans van Volksgezondheid heeft dat maandag aan de Tweede Kamer geschreven. Tot die datum blijft de echo beschikbaar. Het kabinet kiest ook niet voor voortzetting in een nieuw landelijk onderzoek met aangepaste onderzoeksmethoden.

De vroege echo wordt sinds september 2021 aangeboden als onderdeel van de IMITAS-studie. Daarvoor kregen zwangeren hun eerste screeningsecho rond twintig weken. Het eerdere onderzoek moest ernstige lichamelijke afwijkingen vroeger opsporen, zodat er meer tijd zou zijn voor een diagnose en voor de beslissing over het uitdragen van de zwangerschap. De Gezondheidsraad concludeerde op 22 september dat de voordelen in de onderzochte opzet onvoldoende opwegen tegen de nadelen.

Volgens de raad werden relatief veel afwijkingen gemist. Tegelijk kregen zwangeren een verwijzing terwijl bij vervolgonderzoek geen afwijking bleek te bestaan. Dat kan onnodige ongerustheid veroorzaken. De raad benadrukte wel dat alleen resultaten uit het eerste onderzoeksjaar beschikbaar waren. Die weerspiegelen mogelijk niet de huidige praktijk. Daarom adviseerde de raad ook om mogelijkheden voor verbetering te verkennen met recentere gegevens.

Wat de onderzoeken laten zien

De 20-wekenecho is een afzonderlijk onderzoek. Rond twintig weken zijn organen, waaronder het hart, verder ontwikkeld en kan de echoscopist meer details zien. Sommige afwijkingen die bij de vroege echo nog onzichtbaar zijn, kunnen dan wel worden ontdekt. Volgens de informatie van het RIVM vullen de twee echo’s elkaar aan. Een eerdere echo vervangt de latere dus niet. Deelname is vrijwillig: zwangeren kunnen nu kiezen voor beide onderzoeken, één van de twee of geen van beide.

Ook de NIPT en de 13-wekenecho hebben verschillende doelen. De echo kijkt naar lichamelijke afwijkingen, terwijl de NIPT chromosoomafwijkingen onderzoekt. Met alleen de echo kan niet worden vastgesteld of een kind een chromosoomafwijking heeft. Sommige lichamelijke kenmerken kunnen daarop wijzen, maar niet iedere ernstige chromosoomafwijking is op een echo zichtbaar. Bij een aanwijzing voor een lichamelijke afwijking is vervolgonderzoek mogelijk in een gespecialiseerd centrum van een universitair medisch centrum.

Voor de huidige 13-wekenecho gelden Nederlandse voorwaarden. Het onderzoek vindt plaats tussen twaalf weken en drie dagen en veertien weken en drie dagen zwangerschap. De overheid betaalt de echo wanneer de zwangere onder controle staat van een verloskundig zorgverlener in Nederland en het onderzoek bij een gecontracteerde Nederlandse zorgverlener gebeurt. Een echo in het buitenland wordt vanuit die regeling niet vergoed.

Voor de 20-wekenecho geldt eveneens dat de Nederlandse subsidie gekoppeld is aan zorg in Nederland en een gecontracteerde uitvoerder. Zwangeren beslissen zelf of zij vervolgonderzoek willen en wat zij met een uitslag doen. Ook tijdens dat vervolgtraject kunnen zij stoppen.

Hermans wil het hele aanbod van onderzoek tijdens de zwangerschap opnieuw laten bekijken. Een verbeterde vorm van vroege screening blijft daarmee mogelijk. Er is nog geen vervangend aanbod vastgesteld. De afronding van het huidige onderzoek wordt met het RIVM en de betrokken beroepsgroepen uitgewerkt.

Verder bij de bron

Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.

Bronnen en werkwijze