De Eerste Kamer heeft op 13 oktober ingestemd met het afschaffen van rechterlijke dwangsommen bij te late beslissingen van de IND. Mensen die wachten op een verblijfsbesluit verliezen daarmee straks een financiële manier om druk op de dienst te zetten. De wijziging is onderdeel van de aangenomen wetgeving over terugkeer en vreemdelingenbewaring.
De overgangsregel maakt verschil voor wie al naar de rechter is gestapt. Als de wettelijke beslistermijn is verstreken én het beroep tegen het uitblijven van een besluit vóór de ingangsdatum is ingediend, blijven voor dat beroep de oude regels gelden. Alleen een aanvraag hebben lopen is daarvoor niet genoeg. Ook onder de nieuwe regeling moet de rechter de minister opdragen binnen een redelijke termijn alsnog te beslissen.
De rechter blijft bereikbaar
Nu kan iemand de IND na het verstrijken van de beslistermijn eerst in gebreke stellen. De dienst krijgt dan nog twee weken om een besluit te nemen. Blijft dat uit, dan kan de aanvrager naar de rechter. Die stelt een nieuwe termijn vast en kan daar een geldbedrag aan verbinden als de IND opnieuw te laat is. De huidige uitleg van de IND vermeldt ook dat beslistermijnen per soort aanvraag verschillen en soms worden verlengd, bijvoorbeeld voor extra onderzoek.
De aangenomen wijziging raakt aanvragen en bezwaren onder de Vreemdelingenwet. Het gaat daarmee om een bredere groep dan alleen asielzoekers. Het bedrag dat een rechter aan een nieuwe termijn kan koppelen, verdwijnt voor zaken die onder de nieuwe regels vallen. De verplichting om een besluit te nemen blijft staan. Dit onderdeel verandert hoe een te laat besluit wordt afgedwongen.
Discussie over druk op de IND
De IND verwelkomde de stemming dinsdag. Volgens directeur-generaal Rhodia Maas kosten de procedures over dwangsommen tijd en capaciteit die de dienst liever aan aanvragen besteedt. De IND stelt dat de betalingen niet tot snellere beslissingen leiden. Dat is de beoordeling van de uitvoeringsdienst. In 2025 betaalde de IND ongeveer 79 miljoen euro aan dwangsommen; voor 2026 meldt de dienst inmiddels ruim 112 miljoen euro. De bestuurlijke dwangsom, waarvoor geen rechter nodig was, werd al in 2025 afgeschaft.
In het Kamerdebat voerden tegenstanders juist aan dat dwangsommen een gevolg van de achterstanden zijn en dat een vervangend drukmiddel ontbreekt. Voorstanders willen het geld en de beschikbare mensen inzetten om tijdiger te beslissen. Onder meer VVD, D66, CDA en ChristenUnie steunden de wijzigingswet; PRO, Volt en SP stemden tegen.
De stemming betekent niet op zichzelf dat iedere lopende dwangsom vervalt. Het wetsdossier van de Eerste Kamer noemt voor de inwerkingtreding een afzonderlijk koninklijk besluit, waarbij onderdelen op verschillende momenten kunnen ingaan. In dat dossier staat bij het onderdeel over de ingangsdatum nog geen concrete kalenderdatum.
Verder bij de bron
Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.
