Nederlandse betaalkaarten werden in de eerste helft van 2026 veel vaker gebruikt bij tankstations in België en Duitsland. De Nederlandsche Bank maakte maandag 28 september voor het eerst een uitsplitsing van die betalingen bekend: in België en Duitsland samen waren het er 20 procent meer dan een jaar eerder. Voor automobilisten die een buitenlandse pomp overwegen, is de vraag concreet: hoeveel scheelt een tankbeurt vandaag, en hoeveel kost de rit ernaartoe? Vooral voor wie dicht bij België woont, kan het verschil fors zijn. Wie een grote omweg moet rijden, kan de besparing weer kwijt zijn.

Wat is er echt veranderd?

DNB telde ruim 25 miljoen kaartbetalingen bij Belgische en Duitse tankstations in de eerste zes maanden van dit jaar. Dat is 20 procent meer dan in dezelfde maanden van 2025. Het met Nederlandse kaarten afgerekende bedrag steeg 32 procent, tot ongeveer 1,5 miljard euro. Binnen Nederland gebeurde juist 3 procent minder vaak een kaartbetaling bij een tankstation, al steeg het daar uitgegeven bedrag met 4 procent. De nieuwe cijfers laten dus een verschuiving in betalingen zien. Ze vertellen niet hoeveel liters brandstof daarbij precies zijn gekocht.

De beweging was niet aan beide grenzen even sterk. In België nam het aantal kaartbetalingen bij tankstations met 33 procent toe tot 11,3 miljoen; in Duitsland ging het om 11 procent groei tot 14,2 miljoen. Prijsverschillen maken een grensrit aantrekkelijk, maar DNB kan uit een betaling niet afleiden waarom iemand stopte. Een bon kan ook koffie, eten of het laden van een elektrische auto omvatten. Bovendien kan een buitenlandse tankstop onderdeel van een vakantie of gewone route zijn. Het cijfer van 1,5 miljard euro is daarom geen gemeten bedrag aan ‘goedkope benzine’.

Wat levert een volle tank op?

De ANWB-tabel met gemiddelde Europese pompprijzen, op 28 september bijgewerkt, laat zien waarom België lokt. Euro 95 E10 stond bij onze controle op gemiddeld €2,445 per liter in Nederland, €2,046 in België en €2,261 in Duitsland. Dat zijn landgemiddelden, geen prijsbelofte voor de pomp bij jouw grensovergang. België heeft bovendien een officiële maximumprijs die de overheid elke werkdag berekent; een station kan daaronder verkopen. De ANWB-gemiddelden zijn dus niet de Belgische maximumtarieven. Bij 45 liter E10 is het theoretische verschil met een Nederlandse tankbeurt ongeveer €17,96 in België en €8,28 in Duitsland. Vergelijk daarom de prijs van hetzelfde type brandstof op twee concrete stations voordat je vertrekt.

E10: België heeft in de ANWB-meting het grootste prijsverschileuro per liter · schaal begint bij 0
  1. Nederland€2,445
  2. Duitsland€2,261
  3. België€2,046

Bron: ANWB, gemiddelde landelijke E10-prijzen; tabel gedateerd 28 september 2026, in de avond gecontroleerd. Prijzen aan afzonderlijke pompen en latere dagprijzen kunnen afwijken. Het is geen vergelijking van stations pal aan weerszijden van dezelfde grens.

De omweg telt ook mee

Neem een auto die zes liter per honderd kilometer verbruikt en voor een Belgische tankbeurt 40 kilometer extra heen en terug rijdt. Die omweg vraagt ongeveer 2,4 liter brandstof. Tegen de genoemde Nederlandse E10-prijs kost dat grofweg €5,87; van de berekende €17,96 blijft ongeveer €12,09 over. Bij 120 extra kilometer is alleen de brandstof voor de rit al ongeveer €17,60. Dan is de besparing op 45 liter vrijwel verdwenen. Dit zijn rekenvoorbeelden, geen meting van jouw auto. Tijd, slijtage, eventuele tol en de werkelijke prijs bij de pomp zijn niet meegerekend.

Voor dieselrijders is een aparte rekensom nodig. In dezelfde ANWB-tabel lag het gemiddelde voor diesel B7 op €2,513 in Nederland, €2,433 in België en €2,413 in Duitsland. Op 45 liter is dat slechts €3,60 verschil met België of €4,50 met Duitsland, nog vóór de omweg. Ook binnen Nederland verschillen stations: het CBS splitst in zijn grensstreekonderzoek bemande snelwegpompen, andere bemande pompen en onbemande stations apart uit. Een goedkopere pomp op je bestaande route kan dus aantrekkelijker zijn dan speciaal de grens oversteken. Met de ANWB-routeplanner kun je stations en prijzen langs die route bekijken; controleer de actualiteit voordat je afrijdt.

Waarom de grens nog verschil maakt

Een deel van de prijs zit in belastingen, maar het verschil tussen twee pompen is niet simpelweg de accijns die je terugverdient. De Nederlandse overheid noemt voor 2026 een accijns van €0,845 per liter benzine en €0,552 per liter diesel; de tijdelijke korting loopt tot en met 31 december. Dat is bij benzine meer dan de €0,789 die van juli 2023 tot eind 2025 gold. De ANWB waarschuwt dat prijzen langs snelwegen tientallen centen hoger kunnen zijn dan bij stations in steden of langs provinciale wegen. De route en het type station kunnen dus minstens zo belangrijk zijn als het land.

Check de pomp, niet alleen de landprijs

Wie in België stopt, kan daar Euro 95 E10 onder de naam SP95-E10 tegenkomen. Controleer of je auto E10 verdraagt; voor sommige oudere voertuigen is E5 nodig en daarvoor geldt een andere prijs. De ANWB raadt ook een extra betaalmogelijkheid aan, omdat een Nederlandse betaalpas niet bij elke onbemande Belgische pomp werkt. Voor Duitsland geldt eveneens dat de prijs ter plekke kan wisselen: daar mogen pompen sinds april hun tarief maar eenmaal per dag verhogen, rond het middaguur, terwijl verlagen vaker kan. Controleer dus de stationsprijs vlak voor je rijdt.

De nieuwe DNB-reeks maakt zichtbaar dat Nederlandse kaarten vaker bij buitenlandse tankstations opduiken, niet dat iedere automobilist er geld mee bespaart. De bank groepeert betalingen naar het soort bedrijf en het land van de betaalterminal; contant betalen en aankopen met buitenlandse kaarten ontbreken. De grootste les voor een rit deze week is daarom persoonlijker dan de landelijke trend: vergelijk met een routeplanner de actuele prijzen van dezelfde brandstof bij jouw dichtstbijzijnde Nederlandse en buitenlandse pomp. Vul daarna het aantal liters en de extra kilometers in. Alleen als dat verschil na de omweg positief blijft, levert oversteken financieel iets op.

Meer weten?

Kies de verdieping die je interessant vindt.

Verdieping · 1 min extraWat DNB's nieuwe kaartcijfers wel en niet metenDe nieuwe reeks telt kaartbetalingen per sector en land; een tankbon is niet automatisch een brandstofbon.

DNB deelt kaartbetalingen in op basis van de categorie van een bedrijf. De groep ‘brandstof en laden’ omvat bemande en onbemande tankstations én elektrische laadpunten. Een betaling bij een tankstation kan bovendien een drankje of maaltijd bevatten. De gegevens betreffen betaalpassen en creditcards van Nederlandse betaaldienstverleners, ook online betalingen; zij zeggen niets over contante aankopen of alle betalingen van Belgische en Duitse automobilisten. De vergelijking gaat over januari tot en met juni 2026 tegenover dezelfde periode in 2025. DNB noemt prijsverschillen een aannemelijke factor, maar meet geen motief per betaling. Ook vakantieverkeer of een gewijzigde reisroute kan meetellen.

Verdieping · 1 min extraZelf de grensrit doorrekenenEen volle tank levert alleen een voordeel op als de prijsafstand groter is dan de kosten van extra kilometers.

Neem de prijs per liter van twee concrete pompen voor precies dezelfde brandstof; noteer bij een prijsapp ook hoe recent het stationstarief is bijgewerkt. Vermenigvuldig het verschil met de liters die je daadwerkelijk gaat tanken: niet automatisch met de volledige tankinhoud. Trek daarna het extra verbruik af: extra kilometers gedeeld door honderd, maal jouw liters per honderd kilometer, maal de toepasselijke brandstofprijs. Bij 20 liter E10 levert het in de ANWB-landgemiddelden van 28 september berekende Belgische prijsverschil ongeveer €7,98 op vóór de rit; een omweg van 40 kilometer kost in het voorbeeld al €5,87 aan brandstof. Een rit die je toch al maakt heeft voor deze rekensom geen extra kilometers. Reken tijd en autoslijtage apart mee als de grensstop een speciaal uitstapje is.

Verder bij de bron

Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.

Bronnen en werkwijze