NCMEC, het Amerikaanse meldpunt voor vermiste en uitgebuite kinderen, gebruikt Palantir Foundry voor alle meldingen bij zijn CyberTipline. Dat bevestigt vicevoorzitter John Shehan aan de Zweedse krant Dagens ETC. Journalist Arvid Grange publiceerde de bevinding op 13 oktober. Daarmee kunnen ook gegevens uit privécommunicatie van Europese gebruikers in de analyse terechtkomen, wanneer een platform die als mogelijk kindermisbruik meldt.

Shehan zegt dat de software door Palantir is geschonken en lokaal bij NCMEC draait. Het bedrijf zelf heeft volgens hem geen toegang. Hoeveel meldingen voortkomen uit het scannen van communicatie in de EU, weet NCMEC niet precies: platforms vertellen volgens Shehan niet hoe of waar zij die hebben verzameld.

Versleutelde gesprekken vallen buiten de regeling

De Europese regels maken onderscheid tussen verschillende soorten gesprekken. De tijdelijke verordening van juli staat onder voorwaarden vrijwillige detectie en melding van online kindermisbruik toe, ook bij bepaalde chat- en webmaildiensten. Communicatie die eind-tot-eindversleuteld is, is daarvan uitgezonderd. Ook het scannen van audiogesprekken valt buiten deze regeling. De eerdere uitzondering op de vertrouwelijkheid van communicatie verliep op 3 april. De nieuwe verordening trad op 31 juli in werking en geldt tot 3 april 2028.

Meldingen vergelijken en urgente zaken vinden

De samenwerking met Palantir bestond al langer. NCMEC beschreef in 2021 hoe de software helpt om urgente zaken te herkennen en grote hoeveelheden informatie te doorzoeken. De organisatie ontvangt meldingen van internetbedrijven en burgers en probeert vast te stellen waar mogelijk misbruik plaatsvindt. Daarna gaat de informatie naar de bevoegde politie. Een melding kan over een ander land gaan dan dat van degene die het materiaal heeft aangetroffen.

Daarvoor gebruikt NCMEC verschillende hulpmiddelen naast elkaar. Software van onder meer Google en Microsoft vergelijkt binnenkomende bestanden met al bekende beelden. Dat helpt medewerkers om hun aandacht te richten op materiaal dat nog niet eerder is gezien. Andere software ordent bestanden en voegt kenmerken toe. Palantir ondersteunt het zoeken en leggen van verbanden in de verzamelde gegevens. Het analyseren van ontvangen meldingen is daarmee een afzonderlijke stap na de detectie bij een platform.

Verband tussen vermissingszaken

In een verklaring voor het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden uit december 2025 beschreef NCMEC een concrete toepassing. Onderzoekers hadden met verschillende hulpmiddelen informatie over vermiste kinderen verzameld. Een moeder gaf vervolgens de naam door van een man die zij van uitbuiting verdacht. Met Foundry koppelde NCMEC die informatie aan vier andere vermissingszaken. De organisatie schrijft dat Palantir het programma in 2021 doneerde om haar gegevens beter doorzoekbaar te maken.

Volgens die verklaring kwam de eerder gevonden naam later overeen met wat een teruggevonden kind vertelde. De man werd aangehouden en veroordeeld. NCMEC beschrijft de zaak als het resultaat van het combineren van meerdere informatiebronnen en technische hulpmiddelen, in samenwerking met de politie.

De Europese verordening verplicht diensten die de uitzondering gebruiken tot menselijk toezicht. Materiaal dat nog niet als misbruikmateriaal bekend is, mag pas na menselijke bevestiging worden gemeld. Gebruikers moeten duidelijk worden geïnformeerd over de controle en het delen van gegevens. Wie door zo'n controle inhoud of toegang tot een account verliest, moet informatie krijgen over bezwaar, een klacht bij de privacytoezichthouder en de gang naar de rechter.

Verder bij de bron

Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.

Bronnen en werkwijze