Bij een politie- of grenscontrole kan sinds 15 oktober een nieuw soort melding verschijnen over iemand die van terrorisme of zware criminaliteit wordt verdacht. Volgens de Europese Commissie brengt deze uitbreiding van het Schengeninformatiesysteem, kortweg SIS, informatie van landen buiten de EU en internationale organisaties sneller bij agenten. De verandering raakt ook Nederland en België, die het gedeelde register gebruiken.
Voor de betrokken persoon kan een gewone controle daardoor tegelijk dienen om onopvallend informatie te verzamelen. De nieuwe categorie geldt voor mensen zonder EU-nationaliteit, met een uitzondering voor mensen die onder het Europese recht op vrij verkeer vallen. Agenten kunnen bijvoorbeeld vastleggen waar iemand is aangetroffen en waarheen die reist. De betrokkene mag niet merken dat dit wegens de melding gebeurt.
SIS verbindt nationale registers met een centraal Europees systeem. Een melding die een deelnemend land invoert, is direct beschikbaar voor bevoegde diensten in de andere deelnemende landen. Daardoor kan informatie uit één onderzoek ook opduiken bij een controle over de grens. Bij zo’n melding staat welke actie een medewerker moet nemen; het is dus meer dan een lijst met namen.
Van wet naar dagelijks gebruik
De juridische mogelijkheid voor deze nieuwe meldingen bestond al sinds 2022. Het uitvoeringsbesluit van 15 oktober zet de stap naar werkelijk gebruik, nadat de benodigde tests en voorbereidingen waren afgerond. Landen mogen deze meldingen vanaf die datum invoeren, bijwerken en verwijderen.
In februari meldde Europol nog uitdrukkelijk dat deze categorie niet operationeel was, omdat de technische invoering liep. Buitenlandse politie-informatie kon toen wel al via andere kanalen worden uitgewisseld. Europol benadrukte daarbij dat het zelf geen personen in SIS kan opnemen: nationale autoriteiten bepalen wat zij met aangeleverde informatie doen. De Europese politiedienst krijgt met de nieuwe route dus geen eigen knop om namen aan het register toe te voegen.

Europol moet eerst de betrouwbaarheid van de bron en de juistheid van de informatie beoordelen. De verdenking vereist feitelijke aanwijzingen of een onderbouwde inschatting van het risico op zulke misdrijven. Daarna onderzoekt een lidstaat het voorstel en beslist die zelf over opname. Zo’n informatiemelding is op zichzelf geen arrestatiebevel of inreisverbod. Voor aanhouding en weigering van toegang bestaan aparte soorten meldingen, met eigen voorwaarden en gevolgen.
De melding bevat naast identificatiegegevens ook de reden voor registratie en de gevraagde actie. Beschikbare foto’s of vingerafdrukken kunnen helpen voorkomen dat iemand voor een ander wordt aangezien. De verantwoordelijkheid blijft bij het land dat de melding invoert: alleen dat land kan haar wijzigen of verwijderen. Dat maakt de herkomst van een registratie belangrijk wanneer gegevens onjuist blijken, ook als de controle elders plaatsvindt.
Wat iemand over zijn gegevens kan weten
Het register bevat niet van iedere Europese inwoner een persoonlijk dossier. Toegang is voorbehouden aan bevoegde diensten en aan gegevens die zij voor hun taak nodig hebben. Registraties mogen bovendien alleen blijven staan zolang dat voor hun doel nodig is; het invoerende land moet ze regelmatig opnieuw beoordelen. Wie onrechtmatige verwerking vermoedt, kan om verwijdering vragen en naar een bevoegde rechter stappen.
In Nederland legt de politie uit hoe mensen kunnen vragen of zij in SIS staan. Dat heet een verzoek om kennisneming, ofwel inzage. Er is een formulier; een brief aan de privacydesk is ook mogelijk. Wie meent dat de registratie verkeerde gegevens bevat of niet opgenomen had mogen worden, kan daarnaast correctie of verwijdering vragen.
De Belgische Gegevensbeschermingsautoriteit beschrijft ook de grenzen van inzage. Die kan worden beperkt om bijvoorbeeld een onderzoek of de openbare veiligheid te beschermen. Voor door België ingevoerde politiële signaleringen verwijst zij naar het Controleorgaan op de politionele informatie. Dat deelt in beginsel alleen mee dat de nodige verificaties zijn verricht. Het bestaan van een inzagerecht betekent dus niet dat iemand meteen het hele dossier krijgt.
Ons oordeel: de Europese en nationale beoordeling zijn wezenlijke waarborgen, maar bewijzen op zichzelf niet dat buitenlandse informatie klopt. Juist omdat de controle ongemerkt kan verlopen, telt ook of fouten daadwerkelijk worden hersteld. De Commissie verwacht dat agenten hiermee meer terrorisme en zware criminaliteit kunnen opsporen. De aankondiging bevat nog geen gemeten resultaten waarmee die verwachte veiligheidswinst te beoordelen is.
Verder bij de bron
Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.
- [1] Europese Commissie — ingebruikname nieuwe informatiesignalering
- [2] EU-verordening 2022/1190 — voorwaarden en gevolgen
- [3] Uitvoeringsbesluit 2026/2284 — ingangsdatum
- [4] Europol — eerdere situatie, factcheck van 20 februari
- [5] Europese Commissie — soorten meldingen en gegevens
- [6] Europese Commissie — rechten en gebruik SIS
- [7] Politie Nederland — inzage en correctie SIS
- [8] Europese Commissie — werking en rechten SIS
- [9] Belgische Gegevensbeschermingsautoriteit — SIS en rechtsbescherming
