Middelbare scholen moeten papieren schoolboeken kunnen kopen zonder daarbij verplicht een digitale licentie af te nemen. Dat vraagt de Autoriteit Consument en Markt op 5 oktober aan uitgevers. Zo zouden scholen beter kunnen kiezen wat leerlingen werkelijk gebruiken. De oproep levert vandaag nog geen goedkoper boekenpakket of nieuwe leerlingrechten op.

Het probleem raakt het onderwijsbudget: scholen besteden jaarlijks ongeveer 280 miljoen euro aan papieren en digitale leermaterialen. Volgens de ACM stegen de prijzen de afgelopen zeven jaar sneller dan die van vergelijkbare producten. Herbruikbare leerboeken zijn vrijwel verdwenen. Bespaard geld kan volgens de toezichthouder naar ander onderwijs gaan.

Een digitaal pakket is geen vanzelfsprekende verplichting

Een boek kunnen doorgeven en elk jaar een nieuw pakket kopen zijn verschillende keuzes. De uitgeversvereniging MEVW adviseerde haar leden al op 1 april om onderdelen van lesmethodes los aan te bieden en scholen te laten kiezen tussen herbruikbare boeken en werkboeken. Ook adviseerde ze contracten vanaf één jaar en geen boete bij een eerdere overstap; te veel ontvangen korting zou wel naar verhouding worden verrekend. Dat zijn aanbevelingen, geen bewijs dat iedere uitgever inmiddels zo werkt. Een school kan de gewenste keuzevrijheid dus in haar volgende contract laten vastleggen. Voor een school telt het concrete aanbod: kan een bruikbaar boek blijven liggen, of moet voor dezelfde lesstof opnieuw een pakket worden aangeschaft?

Voor ouders is een ander onderscheid belangrijk. In het Nederlandse voortgezet onderwijs zijn leerboeken, werkboeken en licenties voor digitaal lesmateriaal al gratis voor leerlingen. De school regelt ze; ook thuisbezorging mag geen extra rekening opleveren. Die regels blijven gelden. Een atlas, rekenmachine, schriften en gymkleding kunnen ouders wel zelf moeten betalen. De regeling geldt niet algemeen voor mbo, particulier onderwijs of volwassenenonderwijs; bij leerlingen die via hun middelbare school naar het vavo gaan, bestaat een uitzondering.

Wat leerlingen nu kunnen controleren

Gezamenlijk inkopen is een mogelijke route naar meer grip. Scholencoöperatie SIVON laat schoolbesturen samen eisen stellen aan prijs, levering en ondersteuning. Zij blijven betrokken bij de keuze en beoordeling van offertes. Volgens SIVON geeft het gebundelde inkoopvolume een betere onderhandelingspositie, maar deelname is zelf ook een betaalde dienst. De kosten verschillen per bestuur en bestaan uit een dienstbedrag en een bedrag per leerling. De gezamenlijke aanbesteding voor schooljaar 2028/2029 opent volgens de huidige informatie in januari 2027. Een gezamenlijk contract is daarmee geen oplossing die het boekenpakket van deze week meteen vervangt.

Wie voor digitale lessen een laptop nodig heeft, moet bovendien niet automatisch zelf een apparaat kopen. Een school mag ouders daarom vragen, maar het niet verplichten. Kunnen of willen zij niet betalen, dan moet er een volwaardig alternatief zijn, bijvoorbeeld een leenlaptop. Voor een leerling of ouder begint de praktische controle daarom bij de school: welke licenties zijn geregeld en hoe kan iedereen aan de digitale lessen meedoen? Losse verkoop helpt scholen pas wanneer er werkelijk passende keuzes beschikbaar komen.

Verder bij de bron

Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.

Bronnen en werkwijze