Twintig mensen die in Nederland asiel willen aanvragen, sliepen in de nacht van 8 op 9 oktober buiten bij het aanmeldcentrum in Ter Apel. Dat melden het Rode Kruis en VluchtelingenWerk. Voor hen ontbrak een droge slaapplaats door het tekort aan opvangplekken.
De dagopvang voor 150 mensen was de afgelopen weken meermaals vol. Alleen die 150 mensen kunnen ook in de nachtopvang terecht. De organisaties zoeken met het ministerie en het COA naar extra locaties voor enkele dagen en nachten. Een opening melden ze nog niet.
Een oplossing uit juli blijkt niet voldoende
Het kabinet kondigde op 13 juli dagopvang aan in het voormalige DISA-pand op het terrein. Nieuwe aanmelders die nog niet in het aanmeldcentrum terechtkonden, zouden daar worden opgevangen. Vervolgens zou het COA busvervoer naar noodnachtopvang in de regio regelen. De bedoeling was het verblijf op het voorterrein te beëindigen. De vrijdag gemelde nacht buiten laat zien dat deze aanpak niet voor iedereen een plek oplevert.
Al bij de aankondiging in juli waarschuwde minister Bart van den Brink dat de lokale maatregelen het onderliggende tekort niet oplosten. Hij riep gemeenten toen op spoednoodopvang aan te bieden. Dat verschil blijft relevant: extra toezicht en een plek om overdag te wachten leveren niet vanzelf een extra bed voor de nacht op. De aangekondigde dagopvang en het vervoer waren maatregelen voor de korte termijn.
Opvang is iets anders dan een asielbesluit
Ter Apel is voor veel nieuwkomers de verplichte eerste stap. Volgens de huidige IND-uitleg melden mensen die over land via België of Duitsland binnenkomen zich daar. Dat geldt ook voor minderjarigen die zonder ouders of verzorgers naar Nederland zijn gekomen. Tijdens de eerste fase controleert de IND onder meer identiteit, gezondheid en kwetsbaarheid. Voor iemand die net is aangekomen, gaat die fase dus over registratie en noodzakelijke controles, nog niet over zekerheid dat hij of zij in Nederland mag blijven.
Tijdens die eerste fase beoordeelt het COA het recht op opvang. Wie dat recht heeft, krijgt volgens de IND een slaapplaats, eten, medische zorg en begeleiding. De IND noemt maximaal drie dagen voor de eerste procedurefase. Dat is geen toezegging dat iedere wachtende nu direct een vrij bed vindt, en ook geen termijn voor het uiteindelijke asielbesluit.
De druk raakt ook andere gemeenten
De oplossing hangt daarmee niet alleen van Ter Apel af. Gemeenten hebben sinds 2024 onder de Spreidingswet een wettelijke taak om opvangplekken te regelen. Daarvóór vroeg het COA gemeenten om vrijwillige opvang; volgens de Rijksoverheid leverde dat te weinig plaatsen op. Voor inwoners elders is het verschil concreet: opvang is een verantwoordelijkheid die over provincies en gemeenten moet worden verdeeld, geen vraag die uitsluitend bij één dorp hoort.
De nieuwe verdeelronde biedt echter geen bed voor vannacht. De minister moet uiterlijk eind december 2026 vaststellen hoeveel plekken iedere gemeente moet regelen; die plekken moeten vanaf 1 juli 2027 beschikbaar zijn. Dat is de planning voor deze ronde, geen aankondiging van extra capaciteit dit weekend. Wie een lokaal opvangplan volgt, moet daarom onderscheid maken tussen een verdeling op papier, een voorgenomen locatie en daadwerkelijk geopende opvang.
Verder bij de bron
Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.
