Het kabinet heeft werkgevers en vakbonden uitgenodigd om woensdag 7 oktober in het Catshuis te praten over werk en sociale zekerheid. Premier Jetten maakte de uitnodigingen op 2 oktober bekend. De eerder geplande bezuinigingen op onder meer WW bij werkloosheid en WIA bij arbeidsongeschiktheid zijn ingetrokken om dat overleg mogelijk te maken. De schrapping was volgens Jetten vorige week al besloten. Voor werknemers gaat het gesprek daarmee verder vanuit een andere uitgangspositie.

Van uitstel naar intrekken

Dat is een stap verder dan de boodschap op Prinsjesdag, 15 september. Toen had het kabinet de verkorting van de WW, samen met een hogere uitkering gedurende de eerste twee maanden, uitgesteld tot 1 januari 2029. Ook andere voorgestelde besparingen op sociale zekerheid en arbeidsmarkt werden een jaar verschoven. Het kabinet zag toen al af van een lager maximumdagloon: het bedrag waarop UWV de maximale uitkering baseert. De uitgestelde WW-maatregel bleef destijds dus nog een plan voor later. Wie zijn inkomen bij baanverlies wilde inschatten, moest rekening houden met een mogelijke toekomstige verkorting, zonder dat die al wet was.

FNV reageerde op 1 oktober dat de bezuinigingen van de baan zijn. De vakbond bedankt daarbij de werknemers en actieleiders in het openbaar vervoer die tegen de plannen protesteerden. Volgens FNV verdwijnt 6,8 miljard euro aan structurele bezuinigingen uit de boeken. Dat bedrag is de beschrijving van het pakket door de bond; het is geen geld dat nu rechtstreeks onder werknemers wordt verdeeld. De bond schort zijn acties op om ruimte te geven aan het vervolg. Daarmee is voor reizigers de aanleiding voor deze vakbondsacties voorlopig weggevallen. FNV houdt uitdrukkelijk de mogelijkheid open opnieuw actie te voeren als de afspraken veranderen.

Wat nu geldt bij baanverlies

Je WW-duur wordt daardoor niet ineens langer. UWV bepaalt die op basis van je arbeidsverleden. Als je recht hebt op WW en aan de wekeneis voldoet, begint de duur bij drie maanden. Daarvoor moet je in minstens 26 van de laatste 36 weken hebben gewerkt; het aantal uren per week maakt voor deze eis niet uit. Een langere uitkering vergt voldoende meetellende werkjaren: minstens vier van de laatste vijf. Voor de eerste tien volledige kalenderjaren bouw je per jaar een maand op. Bij extra jaren gelden verschillende regels: tot en met 2015 een maand per jaar, vanaf 2016 een halve maand. Wanneer je die extra jaren werkte, maakt daardoor verschil. Het startjaar van je WW telt niet mee. Met de rekenhulp van UWV kun je je duur schatten; die schatting bepaalt niet je recht.

Het gesprek van woensdag levert nog geen nieuw stelsel op. Jetten zei dat de noodzaak voor hervormingen blijft bestaan, ook na het schrappen van de besparingen. Als de uiteindelijke afspraken minder opleveren dan eerder begroot, moet het kabinet bij volgende begrotingsbesluiten bepalen hoe het resterende verschil wordt opgevangen.

Verder bij de bron

Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.

Bronnen en werkwijze