Staatssecretaris Silvio Erkens wil persoonlijk dat Nederland slachten zonder voorafgaande verdoving verbiedt. Dat zei de VVD’er zondag 4 oktober bij WNL Op Zondag. Zijn uitspraak is nog geen kabinetsbesluit. Wie halal of koosjer vlees koopt, krijgt daardoor vandaag niet met een nieuwe beperking te maken. Erkens verwacht dat de Partij voor de Dieren deze maand met een initiatief komt; of daarvoor een Kamermeerderheid bestaat, is onzeker.
In Nederland mogen daarvoor toegelaten slachthuizen nu onder voorwaarden zonder voorafgaande verdoving slachten. De NVWA houdt toezicht en het personeel moet aantoonbaar bekwaam zijn. Blijft een dier na de halssnede tekenen van bewustzijn vertonen, dan moet het binnen maximaal veertig seconden alsnog worden bedwelmd. Dat is geen regel dat het dier binnen veertig seconden dood moet zijn. Die begrippen door elkaar halen geeft een verkeerd beeld van de bescherming die de huidige voorschriften bieden.
Voor de klant zegt het woord halal of koosjer op zichzelf dus niet welke verdoving is gebruikt. De NVWA bepaalt niet wat volgens een geloof is toegestaan: dat beoordelen de betrokken religieuze organisaties. Sommige slachthuizen passen al direct na de halssnede verdoving toe. Wie wil weten hoe het eigen vlees is geproduceerd, kan daarom naar de werkwijze en religieuze certificering van de leverancier vragen.
Dierenwelzijn en geloof
Een verbod raakt niet alleen een productiemethode. Voor bepaalde joodse en islamitische gemeenschappen is vooraf verdoven niet verenigbaar met hun religieuze voorschriften. De Raad van State beschreef dat in zijn advies van 15 oktober 2025 over een eerder initiatief van de Partij voor de Dieren. Zo’n verplichting raakt hun vrijheid om hun geloof te praktiseren. Dierenwelzijn kan een beperking rechtvaardigen, maar de wetgever moet uitleggen waarom die nodig en evenredig is. Overleg met de betrokken groepen hoort daarbij. Dat oudere advies is geen beoordeling van een nog te presenteren voorstel deze maand.
De Vlaamse vergelijking
Vlaanderen laat zien waarom een vergelijking met België precies moet zijn. De officiële Vlaamse regels verplichten verdoving vóór het slachten van schapen en pluimvee. Voor runderen geldt bij religieuze slachting nog een tijdelijke uitzondering: het dier wordt tijdens de halssnede of uiterlijk twee seconden erna verdoofd. Die uitzondering loopt zolang omkeerbare elektrische verdoving vooraf niet praktisch toepasbaar is. Omkeerbaar betekent dat de verdoving op zichzelf het dier niet doodt. Een Nederlandse wet die alle dieren vooraf laat verdoven, zou dus niet zonder meer dezelfde uitzonderingen hebben als de huidige Vlaamse praktijk.
Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens oordeelde op 13 februari 2024 over Vlaamse en Waalse regels voor verplichte verdoving, met een omkeerbare methode voor religieuze slachting. Het Hof zag daarin geen schending van de godsdienstvrijheid of discriminatie. Dat maakt zo’n regeling juridisch mogelijk, maar schrijft Nederland geen identieke wet voor. In die Belgische zaak telde ook mee dat invoer van vlees uit andere regio’s of landen niet verboden was. Een beperking van lokaal slachten is daarmee iets anders dan een verbod om religieus bereid vlees te eten.
Verder bij de bron
Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.
