Wie naast een nieuw datacenter woont, kan doorgaans niet opzoeken hoeveel stroom en water juist dat gebouw gebruikt. Een Europees journalistencollectief onder leiding van Lighthouse Reports heeft op 30 september zijn klacht tegen de Europese Commissie over die geheimhouding openbaar gemaakt. De klacht ligt bij de commissie die toeziet op het Verdrag van Aarhus, over toegang tot milieu-informatie. Hun onderzoek toont dat er wel een rapportageplicht bestaat, maar cijfers vaak niet per locatie openbaar zijn. Voor omwonenden is dat een concreet gat: zij kunnen een belofte over zuinig koelen of beperkte druk op het stroomnet moeilijk controleren. De klacht is een verzoek om toetsing, geen uitspraak dat Brussel de wet heeft overtreden.

Een plicht is nog geen openbaar cijfer

Sinds 2024 moeten datacenters met minstens 500 kilowatt geïnstalleerd IT-vermogen jaarlijks onder meer hun energie- en watergebruik rapporteren. In Nederland gaat dat via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De dienst publiceert antwoorden die niet als bedrijfsvertrouwelijk zijn aangemerkt in een spreadsheet. Volgens het vandaag gepubliceerde onderzoek bevat de aan journalisten verstrekte RVO-lijst 104 locaties. De branchevereniging DDA telde eind 2025 186 commerciële centra boven de drempel. Die getallen zijn een waarschuwingssignaal, geen bewijs dat precies 82 bedrijven de wet schenden: de tellingen hebben een andere herkomst en peildatum, en openbaar gemaakte gegevens zijn niet hetzelfde als alle ontvangen gegevens.

Voor slechts 44 locaties is het elektriciteitsgebruik openbaar, en voor 47 het watergebruik, meldt de Nederlandse publicatie over het samenwerkingsonderzoek. Dat is minder dan een kwart van de 186 commerciële locaties in de DDA-vergelijking. Het zegt niets over hoe zuinig de overige gebouwen zijn. Een ontbrekend openbaar cijfer kan betekenen dat een antwoord vertrouwelijk is afgeschermd, dat een centrum niet in de lijst staat of dat de registraties niet goed op elkaar aansluiten. Wie een project in zijn gemeente wil beoordelen, heeft aan die onzekerheid juist weinig: de vraag is hoeveel het betrokken gebouw vraagt, niet hoe een gemiddelde locatie presteert.

Wat weet de overheid zelf?

Niet-openbaar betekent ook niet automatisch onbekend bij de overheid. In antwoorden aan de Tweede Kamer erkende het kabinet in april dat het Nederlandse loket aanvankelijk toestond om bedrijfsvertrouwelijke gegevens níét aan te leveren. De Europese regels vragen volgens het kabinet inmiddels om alle gegevens wél in te dienen en vertrouwelijkheid apart te markeren; de communicatie en het formulier zijn voor de rapportage van 2026 aangepast. Voor het plannen van stroomnetten zeggen de ministers bovendien over gegevens van netbeheerders en geaggregeerde cijfers te beschikken. Dat is een andere vraag dan of bewoners de belasting van één datacenter kunnen zien. RVO zegt vertrouwelijkheid alleen te accepteren wanneer het belang daarvan aantoonbaar zwaarder weegt dan openbaarheid over energiegebruik.

Waarom die ontbrekende details ertoe doen

De totale omvang is wel bekend. Het CBS berekende dat Nederlandse datacenters in 2024 samen 5,1 miljard kilowattuur stroom geleverd kregen: 4,6 procent van het landelijke elektriciteitsverbruik. Dat is een nationaal totaal, geen meterstand voor het centrum aan de rand van je woonplaats. Rijkswaterstaat beschrijft hoe nieuwe grote centra vragen oproepen over netruimte, koelwater en landschap. Zulke belangen botsen niet overal op dezelfde manier. Een gebouw kan bijvoorbeeld restwarmte leveren of op een andere waterbron overschakelen, terwijl voor een ander gebouw aansluiting en koeling juist de knelpunten zijn. Zonder locatiegegevens is die afweging voor buitenstaanders lastig na te rekenen.

Ook voor België is het verschil tussen melden en kunnen vergelijken relevant. In Vlaanderen moeten eigenaren van datacenters vanaf dezelfde grens van 500 kilowatt jaarlijks rapporteren over onder meer stroom, water, hergebruikte warmte en koelmiddelen. Dat loopt via het Europese platform. Het nieuwe onderzoek toont geen aparte Belgische telling waarmee je kunt zeggen hoeveel Vlaamse locaties hun cijfers publiek houden. Een Nederlandse verhouding op België plakken zou daarom misleidend zijn. De Europese Commissie toont op haar dashboard wel geaggregeerde gegevens per lidstaat. Daarmee zie je een trend, maar niet vanzelf wat een datacenter in je eigen buurt gebruikt.

Een label lost het verschil nog niet op

Brussel presenteerde op 21 september een nieuw beoordelingssysteem voor datacenters dat efficiëntie van stroom- en watergebruik vergelijkbaar moet maken. Dat kan nuttig zijn, maar efficiëntie en totale belasting zijn verschillende zaken. Twee gebouwen kunnen even efficiënt koelen, terwijl het grootste gebouw veel meer elektriciteit of water vraagt. Lighthouse Reports vindt dat het toekomstige label daarom te weinig zegt over de absolute druk op een locatie. De Commissie stelt juist dat de combinatie van rapportage, databank en vergelijkbare labels de transparantie vergroot. Het nieuwe onderzoek is een kritiek op wat daarin publiek zichtbaar wordt, niet een meting die bewijst dat alle centra onzuinig zijn.

Wat kun je nu controleren?

Bij een concreet bouw- of uitbreidingsplan kun je eerst de openbare RVO-spreadsheet en het EU-dashboard raadplegen. Vraag daarna aan gemeente, provincie of initiatiefnemer om de verwachte jaarlijkse stroomvraag, de herkomst en hoeveelheid koelwater en eventuele afspraken over restwarmte voor juist die locatie. Controleer of een antwoord een raming voor een nog te bouwen gebouw is of een gemeten bedrijfsjaar. Ontbreekt een cijfer, dan kun je gericht vragen waarom het niet openbaar is; een efficiëntielabel alleen vult dat gat niet. Een bewonersgroep kan met zulke vragen een vergunningstraject beter volgen, maar uit ontbrekende open data valt geen rechtstreeks effect op de eigen energierekening of drinkwaterkraan af te leiden.

Nog geen oordeel over de klacht

Lighthouse Reports beroept zich op het Verdrag van Aarhus, dat toegang tot milieu-informatie en inspraak beschermt. Het collectief stelt dat de Europese Commissie vertrouwelijkheid te ruim toepast en het publieke belang onvoldoende meeweegt. Dat is hun juridische standpunt. De toetsingscommissie heeft nog geen oordeel gepubliceerd en de bestaande rapportageplicht is niet door deze klacht veranderd. Voorlopig bestaat de praktische keuze uit kritisch lezen wat wél openbaar is, en bij een plaatselijk plan doorvragen naar de werkelijke omvang achter een gemiddelde of een groene score.

Meer weten?

Kies de verdieping die je interessant vindt.

Verdieping · 1 min extraWaarom 104 en 186 geen lijst van overtreders opleverenHet verschil laat een gat zien, maar de registraties zijn niet één op één vergelijkbaar.

Twee tellers

De 104 locaties komen uit wat RVO op verzoek aan het onderzoekscollectief verstrekte. De 186 zijn een schatting van commerciële centra boven 500 kilowatt van de branchevereniging, met eind 2025 als peildatum. Een rapportage kan ontbreken, vertrouwelijk zijn, later zijn aangevuld of onder een andere afbakening vallen. Het onderzoekscollectief stelt dat veel locaties buiten beeld blijven; RVO zegt dat het toezicht houdt en om ontbrekende gegevens kan vragen. Geen van de twee aantallen bewijst zelfstandig welke exploitant zich niet aan de huidige plicht houdt. De gepubliceerde rijen in de RVO-spreadsheet zijn bovendien slechts het openbare deel van de antwoorden.

Verdieping · 1 min extraWat de klacht bij het Verdrag van Aarhus vraagtJournalisten willen de onderliggende milieugetallen per centrum kunnen controleren.

Toegang en uitzonderingen

De indieners vinden dat cijfers over totale energie, koelwater en uitstoot nodig zijn voor zinvolle inspraak over nieuwe locaties. Ze betwisten dat zulke gegevens zonder afweging als bedrijfsgeheim mogen worden achtergehouden. Het kabinet benadrukte eerder dat de Europese regeling nationale bescherming van bedrijfsgeheimen respecteert en dat netbeheerders de overheid geaggregeerde gegevens leveren. De commissie bij het verdrag moet de juridische klacht nog behandelen. Tot die tijd is het onjuist om een overtreding of een bevel tot publicatie als vaststaand te presenteren.

Verder bij de bron

Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.

Bronnen en werkwijze