Nederland moet de kankerzorg voorbereiden op een grotere groep patiënten. Het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL) publiceerde op 7 oktober een raming die voor 2045 bijna 170.000 nieuwe diagnoses per jaar voorziet, tegenover ruim 136.000 in 2025. Daardoor zijn meer onderzoeken, behandelingen en controles nodig. Ook na een behandeling blijft zorg nodig voor mensen die langer met of na kanker leven. Voor patiënten, naasten en zorgverleners gaat het dus om de beschikbaarheid van zorg op lange termijn.
- 2025 — geregistreerdruim 136.000
- 2045 — verwachtbijna 170.000
Bron: IKNL, 7 oktober 2026. Afgeronde aantallen; 2025 voorlopig, 2045 een raming.
Grafiek: Nxt Generation News · CC BY 4.0
Grafiek overnemen
Je mag deze grafiek overnemen en aanpassen, ook commercieel. Zet de bronvermelding hieronder erbij, met de link, en noem ook de bron van de cijfers. Voorwaarden
Meer zorg in een ouder land
Dat de bevolking verandert, is ook zichtbaar in de bevolkingsprognose die het CBS in december 2025 publiceerde. Die voorziet voor 2030 ongeveer 39 mensen van 65 jaar of ouder per honderd inwoners tussen 20 en 65 jaar. Voor 2040 zijn dat er ongeveer 45. Dat zijn leeftijdsverhoudingen, geen telling van werknemers of beschikbare verpleegkundigen. De vergelijking maakt wel duidelijk waarom de organisatie van zorg verder vooruit moet kijken: de verhouding tussen oudere en jongere volwassenen verschuift, terwijl beide groepen zorg kunnen gebruiken.
Een diagnose is geen persoonlijk toekomstbeeld
Voor een lezer die de grote aantallen op zichzelf betrekt, is het belangrijk wat er precies wordt geteld. De Nederlandse Kankerregistratie telt nieuwe diagnoses per jaar, en per persoon en kankersoort de eerste invasieve tumor. Eén persoon kan daardoor bij verschillende soorten meetellen. De registratie omvat bovendien niet iedere huidtumor: basaalcelcarcinoom, een veelvoorkomende vorm die zelden levensbedreigend is, ontbreekt in het totaal. Meer diagnoses in een groter en ouder land bewijzen op zichzelf dus niet dat iemand van dezelfde leeftijd een hoger risico krijgt. De registratie is daarom vooral nuttig om ontwikkelingen tussen jaren en groepen te vergelijken, met dezelfde afbakening van wat als kanker meetelt.
De raming zegt ook niet hoeveel plaatsen jouw ziekenhuis in 2045 nodig heeft, of hoelang je dan op een afspraak moet wachten. IKNL berekent landelijke ontwikkelingen op basis van eerdere kankerregistraties en CBS-bevolkingsprognoses. Er zijn geen toekomstcijfers per provincie of ziektestadium. Het model veronderstelt dat eerdere trends bruikbaar blijven. Een andere bevolkingsgroei, nieuwe behandelingen of veranderingen in bevolkingsonderzoek kunnen de uitkomst verschuiven. De aantallen zijn daarmee een aanleiding om capaciteit te plannen, geen vastgelegd eindpunt of bewijs dat vandaag al langere wachttijden ontstaan.
Preventie kan het verschil beïnvloeden
Naast zorgcapaciteit bestaat een andere mogelijkheid: toekomstige diagnoses voorkomen. Een afzonderlijke IKNL-berekening uit januari 2026 laat zien wat een verandering kan opleveren. In dat scenario drinken Nederlanders vanaf 2032 gemiddeld twee glazen alcohol per week minder, na een geleidelijke afname tot dat jaar. Het model komt dan uit op ongeveer 11.500 voorkomen diagnoses over de hele periode tot 2050. Dat is nadrukkelijk geen jaarlijkse besparing en ook geen resultaat dat al is bereikt. De berekening behandelt zeven kankersoorten waarvoor het verband met alcohol voldoende vaststaat; het samenspel met roken zit er niet in. Daarmee illustreert zij een mogelijkheid voor preventiebeleid, zonder de nieuwe raming rechtstreeks te vervangen.
Meer weten?
Kies de verdieping die je interessant vindt.
Waarom de laatste cijfers voorlopig zijnDe registratie en de berekening gebruiken niet dezelfde jaargrens.
Het nieuwste registratiejaar is nog niet volledig. IKNL laat dat jaar daarom buiten het schatten van de toekomstige trends. De methode combineert ontwikkelingen per leeftijd en geslacht met de verwachte bevolkingsomvang. De onzekerheid hangt samen met die aannames; de methode geeft geen individueel ziekteverloop.
Verder bij de bron
Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.
