NASA heeft op 30 september vrijwilligers uitgenodigd om foto’s van elkaar overlappende sterrenstelsels te beoordelen. Ook vanuit Nederland en België kun je thuis meedoen aan Overlap Zoo: op een Engelstalige website bekijk je echte onderzoeksbeelden, beantwoord je vragen en teken je de contouren van de stelsels. Een telescoop of sterrenkundediploma is niet nodig. Volgens NASA duurt de uitleg aan het begin tien tot vijftien minuten; daarna bepaal je zelf hoeveel beelden je behandelt. Voor jongeren met interesse in ruimtevaart is dit dus een concrete manier om aan lopend onderzoek bij te dragen, zonder te hoeven wachten op een evenement of selectieprocedure.

Het project ging al op 22 september openbaar van start onder de vleugels van Galaxy Zoo; de NASA-publicatie van woensdag is een nieuwe oproep aan deelnemers, geen melding dat er gisteren pas een sterrenstelsel is ontdekt. De onderzoekers begonnen met ongeveer 4.200 mogelijke paren uit de DESI Legacy Imaging Survey. Dat zijn kandidaten uit eerdere beoordelingen door Galaxy Zoo-vrijwilligers, geen 4.200 bevestigde ontdekkingen. De nieuwe taak is gerichter: nagaan of twee stelsels werkelijk vóór elkaar lijken te liggen, welk type je ziet en waar hun randen lopen. Daarmee verschuift het werk van een ruwe aanwijzing naar een bruikbare beschrijving voor verder onderzoek.

Waarom een donkere vlek belangrijk is

Stel je een felle lamp achter een dun gordijn voor. Waar het gordijn stoffiger is, komt minder licht door. Bij een geschikt sterrenstelselpaar speelt het achterste stelsel de rol van die lamp. Het licht gaat door het voorste stelsel en laat donkere stofbanen zichtbaar worden. Onderzoekers vergelijken het overlappende gebied met delen zonder voorgrondstelsel. Zo kunnen ze onderzoeken hoeveel sterrenlicht stof tegenhoudt. Die correctie is nodig wanneer astronomen de helderheid van verre objecten gebruiken om eigenschappen en afstanden te schatten. Een donkerder beeld betekent immers niet automatisch dat iets verder weg staat.

Op de foto bij dit artikel zie je VV 191: links het gladde, lichte stelsel, rechts een spiraal met zichtbare donkere banen. Het beeld combineert waarnemingen van Hubble en James Webb en werd al in 2022 vrijgegeven. Het is een voorbeeld van de natuurkunde achter de opdracht, niet een zojuist door een Nxt-lezer of door Overlap Zoo gevonden paar. De twee stelsels lijken op elkaar te botsen, maar volgens ESA/Webb zijn ze niet actief met elkaar in wisselwerking. Dat onderscheid is belangrijk: voor de stofmeting zoeken onderzoekers vooral een toevallige zichtlijn, niet noodzakelijk een botsing.

Wat doe je op de site?

Via de projectpagina op Zooniverse kies je “Classify”. De tutorial laat zien hoe je gladde en spiraalvormige stelsels herkent. Daarna verschijnen echte beelden met vragen over de vorm en onderlinge stand. Je klikt antwoorden aan en tekent waar de stelsels lopen; een handleiding bij de vragen helpt als een rand onduidelijk is. NASA noemt een computer met internet als benodigdheid. De pagina is in het Engels, iets om vooraf te weten als je dit met een klas of jongere kinderen wilt doen. Je hoeft volgens de projectbeschrijving geen voorkennis te hebben en er geldt geen minimumaantal beelden.

Met een account kun je je bijdragen en uren terugzien, een deelnamebewijs maken of op het discussieforum vragen stellen. Zooniverse zegt dat iemand onder de zestien voor registratie toestemming van een ouder of verzorger nodig heeft. Wie een klasactiviteit voorbereidt, moet dus eerst bepalen of leerlingen met een account werken. Deelname aan de onderzoeksopdracht levert niet automatisch een publicatie, studiepunt of ontdekking op; de onderzoeksgroep gebruikt de gezamenlijke beoordelingen om kandidaten te selecteren. Een paar eigen antwoorden zijn nog geen gecontroleerde meting: die stap ligt bij het onderzoeksteam.

Eerder werk toont kansen én fouten

Dit is geen eerste poging om het probleem met vrijwilligers op te lossen. Bij het bestaande Galaxy Zoo beoordelen deelnemers vooral de vorm van sterrenstelsels; uit dat oudere werk kwam ook een catalogus van bijna 2.000 overlappende paren. Een proef van de Overlap Zoo-onderzoekers met een kleinere groep leidde dit jaar tot 765 kandidaatparen die naar vorm konden worden ingedeeld, uit 2.380 voorgelegde beelden. De openbare ronde met circa 4.200 kandidaatbeelden is groter, maar het getal is geen score en mag niet met de 765 indelingen worden verward. De winst zit in meer kans op de zeldzame, goed meetbare combinaties van een voorste spiraal en een achterste glad stelsel.

De proef laat ook zien waarom één klik geen wetenschappelijk eindresultaat is. Elk proefbeeld kreeg slechts vier beoordelingen; bij twijfel konden de antwoorden elkaar tegenspreken. Vooral bij stelsels die op ongeveer dezelfde afstand lijken te staan, bleek het voor deelnemers moeilijk om betrouwbaar voor- en achtergrond aan te wijzen. Soms ontbreekt bovendien een afstandsmeting voor één van beide. De onderzoekers willen de vragen en afbeeldingen verbeteren en meer beoordelingen per beeld verzamelen. NASA’s formulering dat vrijwilligers een grote catalogus helpen bouwen, is dus een doel voor later, geen afgeronde stofkaart die nu al uit de publieke ronde komt.

Wie vooral zelf foto’s wil maken, vindt hier iets anders: je gebruikt bestaande telescoopbeelden en helpt ze sorteren. Wie een korte, toegankelijke onderzoeksactiviteit zoekt, kan direct beginnen en na een paar beelden stoppen. Voor de wetenschap is de waarde minder spectaculair dan een individuele vondst, maar wel concreet: goede kandidaten besparen onderzoekers zoektijd voordat zij stofbanen nauwkeurig meten. Of de nieuwe ronde inderdaad meer bruikbare paren oplevert, moet nog blijken uit de beoordelingen en controle door het team. Juist dat open einde maakt deelname eerlijker dan de belofte dat elke deelnemer een geheim van het heelal onthult.

Meer weten?

Kies de verdieping die je interessant vindt.

Verdieping · 1 min extraWat de eerdere proef werkelijk beweesDe eerste catalogus laat de waarde én onzekerheid van vrijwilligerslabels zien.

In de Overlap Zoo-proef kregen 2.380 kandidaatbeelden elk vier beoordelingen. De onderzoekers konden 765 paren naar vorm indelen; bij 1.615 kwamen zij in een restcategorie terecht. Dat is geen percentage geslaagde nieuwe ontdekkingen: de selectie begon al met eerdere Galaxy Zoo-aanwijzingen en de restcategorie omvat meerdere soorten twijfel. De auteurs schrijven dat sommige voor-achterkeuzes onbetrouwbaar waren wanneer de stelsels dicht bij elkaar leken en dat een afstandsmeting vaak ontbreekt. Daarom is de publieke ronde bedoeld om de selectie en beschrijving te verbeteren, niet om deelnemers onmiddellijk een definitieve uitspraak over ruimtestof te laten doen.

Verder bij de bron

Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.

Bronnen en werkwijze